Vergunning voor biovergister op Texel houdt stand bij de rechter

De rechtbank Noord-Holland heeft dinsdag 12 mei uitspraak gedaan over een verleende omgevingsvergunning voor de vervanging van een bio-vergister in Oosterend op Texel. De ingebrachte bezwaren zijn volgens de rechter ongegrond.

De aanvrager van de vergunning wil de inpandige hoofdvergister vervangen door twee kleinere, buiten het pand gelegen hoofdvergisters. Daarnaast heeft de aanvrager gekozen voor aparte gashouders in beide hoofdvergisters. De stoffen die mogen worden vergist, wijzigen niet. Het gaat in eerste instantie om gras van wisselteelt, natuurgras en bermgras. In de toekomst kunnen het ook andere plantaardige materialen zijn afkomstig van reststromen van het eiland.


De rechtbank oordeelt dat een stel bezwaarmakers geen belanghebbende meer is omdat zij verhuisd zijn. Hun beroep is daarom niet-ontvankelijk. De rechtbank is verder van oordeel dat het college van burgemeester en wethouders van Texel de belangen van andere bezwaarmakers voldoende heeft betrokken bij het bestreden besluit zowel wat betreft de afwijking van het bestemmingsplan als het vergunnen van de gewijzigde inrichting.


Er is volgens de rechter geen grond voor de conclusie dat het woon- en leefklimaat van de bezwaarmakers zodanig verslechtert dat de vergunning niet mocht worden verleend. Ook de beroepsgrond dat sprake is van één inrichting met een naastgelegen vleeskalverhouderij voor stierkalveren, zodat de vergunning daarom moet worden geweigerd, slaagt niet.


Meer details zijn te vinden in de uitspraak van de rechtbank Noord-Holland.

Bron: Rechtbank Noord-Holland, 19/05/2026
Publicatie: 29-05-2026