'Bemest op z’n best' krijgt vervolg

Het programma 'Bemest op z’n best' krijgt een vervolg. In opdracht van het ministerie van Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur  onderzoekt worden vanaf 2027 kansrijke innovaties voor een lagere ammoniakemissie bij het toedienen van mest onderzocht. Het onderzoek richt zich op ammoniakemissie, neveneffecten, doorontwikkeling en praktische toepasbaarheid. Ook nieuwe innovaties kunnen aansluiten. Wageningen University & Research treedt op als trekker en penvoerder.

In de eerste programmaperiode werden binnen 'Bemest op z’n best' verschillende innovaties onderzocht die perspectief bieden op verdere emissiereductie. Het vervolg brengt per kansrijke techniek de ammoniakemissiereductie en de belangrijke neveneffecten in beeld. In het programma wordt aansluiting gezocht bij de nationale emissiemodellen door het kwantificeren van de reductie van de ammoniakemissie.


Per kansrijke techniek wordt bepaald welk aanvullend onderzoek nodig is. Tevens draagt het programma actief bij aan de doorontwikkeling van de techniek. Praktijkrijpe innovaties worden vervolgens op melkvee- en akkerbouwbedrijven getest, verspreid over verschillende teelten, bodemtypen en regio’s. Jaarlijks zijn er praktijkdemonstraties worden resultaten gedeeld via landbouwmedia, praktijknetwerken en het onderwijs. Opgedane kennis komt via een e-learning breed beschikbaar. Ook loonwerkers, machinebouwers en bedrijfsadviseurs worden bij de kennisdeling betrokken.


Het vervolgprogramma start in het najaar van 2026 en loopt tot en met 2030. In 2026 ligt de nadruk op de het opzetten van de organisatie, het betrekken van private partijen, netwerkprojecten en onderwijsinstellingen. Eind 2028 maakt 'Bemest op z’n best' een tussenbalans op en deelt het de eerste resultaten. Eind 2030 volgt de eindbalans.

Bron: Bemest op z'n best, 30/10/2026
Publicatie: 30-10-2026