'Koppeling van ammoniakemissie aan fosfaatrechten is onlogisch en ongelukkig'

Roel Jongeneel, universitair docent Landbouwbeleid aan de Wageningen Universiteit, vindt dat het kabinet bepaalde maatregelen met betrekking tot het stikstofbeleid die op vrijdag 26 juni werden aangekondigd zou moeten heroverwegen. Hij vindt de manier waarop doelsturing wordt ingevuld met een koppeling van de ammoniakemissie aan fosfaatrechten onlogisch en ongelukkig.

Met een bedrijfsspecifieke norm van 0,164 kilo ammoniakemissie uit de stal per fosfaatrecht, wordt de ruimte die boeren houden om zelf te bepalen hoe zij de gewenste reductie realiseren, sterk beperkt, aldus Jongeneel. Managementmaatregelen zoals eiwitarm voer verstrekken en meer weiden zullen zelden voldoende blijken. Voor veel bedrijven zijn ook investeringen noodzakelijk. En juist daar verschillen bedrijven sterk van elkaar.


De ene boer kan investeren in een maatregel die goed bij de bedrijfsvoering past, maar waarmee de ammoniakemissie beperkt daalt. Een andere boer kiest voor een investering die juist veel reductie in emissie oplevert dan de norm voorschrijft, bijvoorbeeld omdat nieuwbouw toch al nodig was. Volgens de huidige systematiek doet de eerste boer dan te weinig en de tweede te veel.


Ruilen en samenwerken maken het mogelijk om hetzelfde nationale doel tegen lagere kosten te bereiken en dat zou geen probleem moeten zijn, stelt Jongeneel. Het doel van het beleid is immers niet dat ieder individueel bedrijf exact dezelfde hoeveelheid in ammoniakemissie reduceert, maar dat de totale ammoniakemissie in Nederland voldoende daalt.


Een voor de hand liggende economische oplossing is dan om boeren te bieden om de reductie onderling te kunnen verhandelen. Een bedrijf dat zijn norm niet volledig kan halen, zou reductiekilogrammen kunnen kopen van een bedrijf dat méér heeft gereduceerd dan noodzakelijk. De eerste boer betaalt voor de extra reductie die nodig is; de tweede kan de investering in emissiereductie rendabeler maken door het overschot aan reductie te verkopen.


De koppeling met fosfaatrechten is in dat opzicht ongelukkig. Handel in fosfaatrechten blijft mogelijk, maar voor ammoniak wordt geen vergelijkbare handel mogelijk gemaakt, terwijl het juist de ammoniakemissie is waarop de noodzakelijke investeringen zich richten.


Fosfaat en ammoniak zijn verschillende problemen, aldus Jongeneel. Fosfaatrechten zijn bepalend voor de omvang van de veestapel. Ammoniak is een emissie waarvoor ondernemers managementmaatregelen en investeringen moeten treffen. Dan gaat het, vanuit het bedrijf bezien, niet primair om ‘minder dieren’ houden, maar om lagere emissies per dier.


Vanuit de landbouweconomie wordt al veel langer gepleit voor de introductie van ammoniakrechten en de mogelijkheid om deze rechten te verhandelen. Daarmee ontstaat een systeem waarin niet ieder bedrijf afzonderlijk exact dezelfde reductie hoeft te realiseren, maar waarin de totale nationale doelstelling leidend blijft. Zo’n systeem creëert bovendien de juiste economische prikkels.

Bron: Boerderij, 05/09/2026
Publicatie: 07-09-2026