Additief kan emissie vanuit de mestput beperken
In één afdeling werd het biostimulerend mestputadditief automatisch toegediend, terwijl een andere afdeling zonder additief als controle diende. In de proef werd met sensoren de kwaliteit van de mest in de put gevolgd, waarbij het systeem automatisch het additief doseerde op basis van de gemeten parameters. Er bleek zo een duidelijke daling van de emissies van ammoniak en methaan mogelijk.
De resultaten moeten wel genuanceerd worden, stellen de onderzoekers. De behandelde afdeling had al vóór de eerste toepassing een lagere ammoniakemissie dan de controleafdeling. Wanneer daarmee rekening wordt gehouden, schatten de onderzoekers de werkelijke ammoniakreductie door het additief op ongeveer 25% in deze proef. Los van de lagere emissies wordt ook de luchtkwaliteit in de afdeling beter. Een ander voordeel is dat de techniek geen grote verbouwingen vergt.
In de proef werden geen negatieve effecten vastgesteld op diergezondheid, de groei of het welzijn van de vleesvarkens. De dieren in de behandelde afdeling realiseerden zelfs een licht betere groei en voederconversie. De mestkwaliteit blijft behouden of wordt zelfs beter doordat er meer nutriënten in de mest blijven.
De onderzoekers zien nog wel een aantal aandachtspunten voor de praktijk. Zo is er een frequente toepassing nodig om de emissies laag te houden. Dat vergt een goed werkend doseer- en verdeelsysteem. Ook is het verbruik van het additief hoger bij grotere mestopslagen. Daarnaast zal er nog meer praktijkervaring vereist zijn om de werking onder verschillende omstandigheden te verfijnen.
Meer informatie is te vinden in de fiche biostimulerend mestputadditief en het evaluatierapport met de volledige onderzoeksresultaten.