Stalemissies van veehouderijen namen in 6 jaar met 18% af
Vanaf 2019 hebben 1.329 veehouders gebruik gemaakt van één van de 5 beëindigingsregelingen die de Algemene Rekenkamer onderzocht. Rundveehouders nemen relatief minder vaak deel aan de beëindigingsregelingen. Er werd door 2% van alle rundveehouders in Nederland deelgenomen aan een beëindigingsregeling, tegenover 5% van de pluimveehouders en 8% van de varkenshouderijbedrijven.
Ook de afname van stalemissies van rundveehouderijen is kleiner dan die van andere veehouderijen. Rundveebedrijven zorgen voor 57% van de stalemissies. Tussen 2019 en 2025 daalde het aantal dieren in de sector met 7% en de stalemissies met 11%. Voor pluimvee en varkens was er respectievelijk een daling van 14% om 28% in het aantal dieren en van respectievelijk 20% en 35% in de stalemissies.
Tussen 2019 en 2025 zijn stalemissies met 10,7 kiloton gedaald. Beëindigingsregelingen voor veehouderijbedrijven droegen hier voor 50% aan bij. De budgetten voor vrijwillige beëindigingsregelingen werden niet volledig benut. Van de budgetten die beschikbaar waren is 38% niet uitgegeven. Met de niet bestede 1,6 miljard euro had 3,3 kiloton extra emissiereductie behaald kunnen worden, stelt de Algemene Rekenkamer.