'Beschuldiging van mestfraude had grote impact op het bedrijf'

Ondernemer Jan Bakker schat de rechtszaak die tegen zijn bedrijf werd aangespannen vanwege het vermoeden van mestfraude zijn bedrijf tussen 6 miljoen en 7 miljoen euro heeft gekost onder meer door proceskosten en hogere financieringslasten. Onlangs werd de onderneming door het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden van vrijwel alle ingebrachte beschuldigingen vrijgesproken.

"Bij een veroordeling kom je direct onder bijzonder beheer bij de bank", aldus Bakker. "Ook opdrachten vielen weg, met name bij overheidsgerelateerde aanbestedingen. Het pachten van gronden van het Rijksvastgoedbedrijf lukte na de veroordeling niet meer, maar inmiddels zijn de hectares deels terug in beheer. Wij waren in staat om dit op te vangen, maar zo'n zaak kan ook zomaar het einde van een bedrijf betekenen."


Het Openbaar Ministerie verdacht Bakker en zijn medewerkers van fraude bij mesttransporten in de periode tussen 2014 en 2019. In 2021 leidde dat tot een veroordeling voor onder meer het vervalsen van vervoersbewijzen. Bakker kreeg een taakstraf van 180 uur en een voorwaardelijke gevangenisstraf van 3maanden. Ook medewerkers en het transportbedrijf werden bestraft.


In hoger beroep sprak het gerechtshof de onderneming van vrijwel alle beschuldigingen vrij. Een belangrijk punt in de zaak vormde de registratie van mestcodes op vervoersbewijzen bij gemengde mest. Daarbij was de code van het hoofdbestanddeel vermeld. Vertegenwoordigers van brancheorganisaties maakten duidelijk dat de werkwijze niet afweek van de gangbare praktijk in de sector.

Bron: Boerenbusiness, 05/05/2026
Publicatie: 06-05-2026